De draadvrije campus

De komende jaren wordt de behoefte aan draadvrij op campussen alleen maar groter. Samen met instellingen willen we komen tot 1 gezamenlijke netwerkarchitectuur. Lees meer over onze diensten, projecten/pilots, 5G en onze visie.

Student aan een tafel in een open ruimte met een laptop

Archi - platform voor Open Scientists

Hoe zorgen we dat alle onderzoekers snel en effectief kunnen werken met gespecialiseerde tools? Zonder dat ze hun heil hoeven te zoeken bij commerciële partijen die zich de onderzoeksdata toe-eigenen? Het antwoord is Archi: een netwerk waar wetenschappers ervaringen uitwisselen en toegang hebben tot open tools en data.

Onderzoekers staan steeds vaker voor uitdagingen die geheel buiten hun vakgebied vallen. Dat komt door de groeiende rol van ICT in alle regionen van de wetenschap. Menig bioloog moet zich bekwamen in sensortechnologie, menig neerlandicus in data-analyse en zo zijn er talloze andere voorbeelden. De technische hordes worden bovendien op de voet gevolgd door eisen zoals privacybescherming en FAIR data.

 

De ongezochte uitdagingen leggen doorgaans een zwaar beslag op de beschikbare tijd: een promovendus kan er jaren aan kwijt zijn. Bovendien leveren ze risico’s op van fouten of dataverlies.

Het is namelijk moeilijk om deskundig advies en geschikte tools te vinden. Meestal is Google de voornaamste raadgever, want de academische wereld blinkt niet uit door transparantie. Wetenschappelijk onderzoek is immers georganiseerd als een markt waar met publicaties wordt gestreden om budget. Het groeiende aantal voorstanders van Open Science voert een zware strijd om die status quo om te buigen. Als onderzoekers al samenwerken, is dat doorgaans met vakgenoten. Tools en praktische expertise worden niet breed gedeeld, ook niet tussen faculteiten.

Natuurlijk zijn er allerlei initiatieven in de academische wereld om goede gereedschappen en diensten speciaal voor onderzoekers te ontwikkelen. Maar die dringen vaak moeilijk door tot de eindgebruiker, want die kent noch hun bestaan, noch hun functionaliteit of betrouwbaarheid. Diensten van grote marktpartijen worden eerder gevonden en breder gebruikt. En dat is een groeiend gevaar, want daardoor verliezen universiteiten controle over hun onderzoeksdata en onderzoeksprocessen.

Archi

Archi is anders

Wat Archi anders maakt, is dat we de gebruiker als uitgangspunt nemen. We zetten het platform op als een netwerk voor onderzoekers. Daar koppelen we vervolgens data en diensten aan in één coherente, overzichtelijke omgeving. Op die manier slaan we een brug naar de gebruikers voor de tools en diensten die in de Nederlandse academische wereld worden ontwikkeld. En scheppen we tegelijk een platform voor Open Science.

Wat houdt het netwerk in? Kort gezegd: het delen van materiaal en ervaringen. Onderzoekers kunnen in Archi zien hoe andere onderzoekers te werk gaan, want je kunt er alles online zetten: niet alleen preprints en ruwe data, maar ook workflows, algoritmen en datamanagementplannen. Kortom, alles wat onderzoekers produceren.

Het is geen probleem als hun onderzoek tot negatieve uitkomsten leidde, want dat gegeven kan eveneens waarde hebben voor andere onderzoekers. En ook als het geen publicatie opleverde, kunnen onderdelen van het onderzoek worden hergebruikt door anderen en kunnen de makers daarmee scoren. Evengoed als met het delen van hun ervaringen, bijvoorbeeld bij het selecteren en gebruiken van passend gereedschap of efficiënte methodes.

Zo wordt Archi een platform voor hun academische identiteit, een plek waar ze erkenning van hun peers krijgen voor hun bijdragen aan de wereld van de wetenschap.

Zo’n omgeving van echt Open Science kan dan ook een rol krijgen in een meer afgewogen systeem van waarderen en belonen.

website Archi

Website Archi

Is het haalbaar?

Uiteraard zijn we niet de eersten die een netwerk voor wetenschappers willen opzetten. Allerlei marktpartijen zijn hier al mee bezig: iedereen wil zicht krijgen op de wetenschap en onderzoekers aan zich binden.

Kunnen universiteiten het initiatief terugnemen? En een platform creëren op hún voorwaarden, onder hún controle?

Wij denken dat het kan, als we snel genoeg handelen. De universiteiten zijn namelijk de enigen die in principe beschikken over alle elementen van wat ons voor ogen staat: ze hebben alle kaarten in handen. Veel van het materiaal staat ook al online. Het moet alleen worden bijeengebracht in een omgeving waar het geheel meer wordt dan de som der delen.

Door de coronapandemie is de bereidheid van onderzoekers om te leren van anderen toegenomen, want iedereen werd plotseling gedwongen om online onderwijs te gaan verzorgen. Good practices werden gedeeld en gretig toegepast

Op die nieuwe openheid kunnen we inspelen, als we zorgen dat ook hier – net als in het onderwijs – interactie het centrale aandachtspunt wordt. De Nederlandse academische gemeenschap is tegelijk klein genoeg én groot genoeg om Archi op korte termijn van de grond te krijgen. Met de Coöperatie SURF beschikt ze over een platform dat voorziet in de benodigde technische en organisatorische expertise.

Als Archi aanslaat, kan het snel groeien. Zelfs tot ver buiten de grenzen van ons land, want de problemen en behoeften worden wereldwijd gedeeld.

Waar te beginnen?

Een concept als Archi biedt in principe eindeloze mogelijkheden, maar die zullen slechts stapsgewijs gerealiseerd kunnen worden. Waar kunnen we dan het beste mee beginnen?

Ook bij het beantwoorden van die vraag moeten we de eindgebruiker centraal stellen. Daarom hebben we marktonderzoek gedaan, deels via interviews, deels op LinkedIn. Daarbij keken we hoe bezoekers reageerden op een presentatie van onze plannen: op welke items werd doorgeklikt?

De resultaten waren boven verwachting. Doorgaans zijn studenten en onderzoekers weinig actief op LinkedIn, maar we registreerden 150.000 mensen, vooral in Nederland en Frankrijk, die interesse toonden voor Archi. De data worden nog nader geanalyseerd, maar de volgende uitkomsten tekenen zich al duidelijk af.

  • Iedereen – van student tot hoogleraar – wil gemakkelijker de juiste, meest efficiënte tools voor specifieke taken kunnen vinden.
  • Studenten zoeken vooral mensen die hen advies kunnen geven.
  • Beginnende onderzoekers willen een netwerk van nuttige contacten opbouwen en leren hoe je bijvoorbeeld een datamanagementplan indient.
  • Gevestigde onderzoekers willen graag onderzoeksdata van anderen snel kunnen inzien, ook als die anderen geen onderdeel uitmaken van hun eigen netwerk of dat van hun leidinggevenden. Dus zonder dat ze eerst toegang hoeven aan te vragen.
  • Daarnaast willen ze graag samenwerken aan de ontwikkeling van research-tools. Die bereidheid wordt gedeeld door commerciële partijen.

Deze onderzoeksuitkomsten tonen het ‘laaghangend fruit’ aan de vraagkant van Archi. Anderzijds, aan de aanbodkant, zullen er bestaande diensten zijn die snel ingepast kunnen worden.

Wat is er nodig om Archi te realiseren?

Het onderzoek bevestigt dat er een reële behoefte is aan een platform als Archi. Het kan oplossingen bieden voor problemen waar onderzoekers én bestuurders mee worstelen.

We willen het opzetten zoals alle succesvolle IT-projecten van de grond zijn gekomen: opschalen zodra dat kan en leren van onze ervaringen. Kortom, als een start-up van de Coöperatie SURF.

Zo’n netwerk is geen rocket science. De technologie is er al. De tools en data veelal ook en ze staan vaak online. De benodigde investeringen voor ontwikkeling en hosting zijn dus doenlijk. Voor de langere termijn hebben we een verdienmodel opgezet waarbij beheer en doorontwikkeling worden betaald uit de lopende exploitatie.

Wat we echter vooral nodig hebben, is draagvlak: als de universiteiten Archi adopteren, kan het wetenschappelijk bedrijf een enorme stap voorwaarts zetten.

Meer informatie

Ben je geïnteresseerd? Neem dan contact op met Maurice van den Akker van SURF, of bezoek de website van Archi.