Stimuleringsregeling Open en online onderwijs

ICT in het onderwijs biedt kansen voor innovatie en kwaliteitsverbetering. Daarmee groeit de kans op hoger studiesucces. De minister van OCW stelt daarom financiering beschikbaar voor de jaarlijkse stimuleringsregeling Open en online onderwijs. SURF coördineert deze regeling, die weer openstaat voor nieuwe projectvoorstellen (tot 16 december 2019).

Twee studenten aan tafel achter een laptop in de bibliotheek

Voorwaarden stimuleringsregeling – pijler Online onderwijs

Hier lees je de deelnamevoorwaarden voor de stimuleringsregeling Open en online onderwijs – pijler Online onderwijs.

Voor wie?

Nederlandse instellingen voor hoger onderwijs (zowel bekostigd als niet-bekostigd) die geaccrediteerd onderwijs aanbieden, mogen een projectvoorstel indienen. Samenwerken met andere instellingen die binnen de doelgroep vallen is mogelijk, maar niet verplicht.

Voorwaarden

Een project kan in aanmerking komen voor subsidie als:

  • het zich richt op het herontwerpen van bestaand onderwijs of op het ontwikkelen van nieuw onderwijs dat volledig of voor een substantieel deel online plaatsvindt;
  • het zich richt op het jaarthema Interactie en feedback;
  • het aannemelijk is dat de voorgestelde aanpak substantiële impact heeft, direct of indirect, op het geaccrediteerde onderwijs van de betreffende instelling of opleiding. Dit mag zowel voltijd- als deeltijdonderwijs betreffen en zowel initiële als post-initiële opleidingen;
  • het onderwijs dat in het project wordt herontworpen of ontwikkeld, binnen de  projectperiode ook minimaal 1 keer wordt uitgevoerd;
  • de voorgestelde aanpak vernieuwend is in de context van de eigen instelling;
  • alle (door)ontwikkelde projectresultaten en leermaterialen met een open licentie op een open toegankelijke en goed vindbare locatie beschikbaar gesteld worden.
  • de projectleiders een bijdrage leveren van vier werkdagen aan door SURF georganiseerde activiteiten.
     
    • Het leermateriaal is vrij beschikbaar voor (her) gebruik. Het kopiëren, bewerken en verspreiden van het materiaal is onder voorwaarden toegestaan door het gebruik van een open licentie (zie Creative Commons). Een Creative Commons-licentie met de toevoeging 'geen afgeleide werken' is binnen deze regeling niet wenselijk. Als je deze toch wilt gebruiken, moet je dit overtuigend kunnen beargumenteren.
    • Het leermateriaal bevat relevante metadata, zodat het vindbaar is voor andere gebruikers. Het moet voldoen aan (inter)nationale standaarden voor het vrij uitwisselen van data, bij voorkeur NL-LOM of IEEE-LOM.
    • Het leermateriaal en de bijbehorende metadata worden op een openbaar via internet toegankelijke locatie gepubliceerd en kunnen zonder tussenkomst van anderen worden geraadpleegd. Een login voor identificatie-doelen is toegestaan. De content moet altijd vrij geraadpleegd kunnen worden, zonder dat een bepaald technisch platform vereist is. De materialen moeten nog minimaal vier jaar vrij beschikbaar blijven na het afronden van het project. De metadata moeten geharvest kunnen worden volgens het OAI-PMH-protocol.
    • Het inzetten van auteursrechtelijk beschermd leermateriaal in de projecten is toegestaan, maar de aanschaf hiervan is uitgesloten van subsidie.

In het geval van (ontwikkelde) software gelden de volgende voorwaarden:

  • Software die binnen deze stimuleringsregeling wordt ontwikkeld, moet onder een open- sourcelicentie beschikbaar worden gesteld. Via choosealicense.com vind je een overzicht van open licenties. Standaard beveelt SURF de GNU GPLv3-licentie aan wanneer dit mogelijk is.
  • De softwarecode moet goed gedocumenteerd zijn en omvat daarnaast een README waarin het doel, de werking en de software installatie wordt beschreven. Gebruikelijk is om hier ook aan te geven hoe men kan bijdragen en waar men met eventuele vragen terecht kan. Zie voor richtlijnen voor het opzetten van een open-sourceproject opensource.guide/starting-a-project.
  • De opslaglocatie moet open toegankelijk en vindbaar zijn. Denk bijvoorbeeld aan een repository op github.com. Publiceer de software onder de eigen naam en licentie van degene die het gemaakt heeft.
  • Als er sprake is van een tool die geïntegreerd kan worden in een learning management systeem, moet de ontwikkelde tool voldoen aan de LTI-standaard.

Subsidiebedrag en matching

Voor de pijler Online onderwijs is in deze subsidieronde maximaal 700.000 euro beschikbaar. Elk project kan maximaal 100.000 euro subsidie aanvragen. Er is geen minimum subsidiebedrag; ook kleine projecten zijn mogelijk. Het project moet de subsidie matchen met minimaal het aangevraagde subsidiebedrag aan eigen middelen.

Looptijd

De looptijd van de projecten bedraagt minimaal 12 en maximaal 24 maanden. Projectindieners zijn vrij om een startdatum te kiezen die ligt tussen 1 mei en 1 september 2020.

Projectvoorstel

Een subsidieaanvraag bestaat uit 4 onderdelen:

  • een online aanvraagformulier met basisgegevens van het project
  • een activiteitenplan
  • een begroting
  • letter(s) of intent, ondertekend door een CvB lid van alle deelnemende instelling(en)

Bekijk de sjablonen van het activiteitenplan en de begroting en een voorbeeld van een letter of intent.
Vanaf 1 september kun je deze documenten downloaden en je voorstel online indienen via www.dus-i.nl.

Activiteitenplan

Voor de verschillende onderdelen van het activiteitenplan gelden richtlijnen voor de inhoud en de hoeveelheid tekst. Deze zijn aangegeven in het sjabloon. Er zijn vier verplichte werkpakketten die opgenomen moeten worden:

  • werkpakket projectmanagement
  • werkpakket evaluatie
  • werkpakket kennisdisseminatie
  • werkpakket verduurzaming/verankering

Beoordelingsprocedure en subsidiebesluit

Over de beslissing voor subsidieverlening wint de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap advies in bij SURF. SURF legt de projectvoorstellen voor aan een commissie onder verantwoordelijkheid van de Wetenschappelijk Technische Raad (WTR) van SURF (www.surf.nl/wtr). Deze commissie toetst de voorstellen aan de beoordelingscriteria. Bekijk het Beoordelingskader pijler Online Onderwijs.

Gesprekken

De beoordelingscommissie maakt een voorselectie uit de projectvoorstellen en nodigt de indieners van de 13 hoogst scorende projectvoorstellen uit voor een toelichtend gesprek met de commissie. Deze gesprekken vinden plaats op 5, 6 en 7 februari 2020.

Besluit

De subsidieaanvragers ontvangen een conceptadvies van de Wetenschappelijk  Technische Raad (WTR) en krijgen de gelegenheid om het conceptadvies op feitelijke onjuistheden en omissies te controleren, voordat dit advies definitief wordt vast gesteld. De WTR legt zijn advies voor aan de minister.

De minister beslist uiterlijk op 1 mei 2020 over de subsidieverlening op basis van het advies van de WTR. De onderwijsinstellingen van wie de subsidieaanvraag is goedgekeurd, ontvangen een subsidiebeschikking van het ministerie van OCW.

Beoordelingscriteria

De beoordeling van de projectvoorstellen vindt plaats aan de hand van criteria die betrekking hebben op vier beoordelingselementen:

  • doel en doelgroep
  • beoogd resultaat en impact op het reguliere geaccrediteerde onderwijs van de betreffende instelling(en)
  • plan van aanpak
  • planning, begroting, organisatie

Het overzicht van alle criteria en het bijbehorende puntenaantal dat behaald kan worden, is te vinden in het beoordelingsdocument (dit document komt 1 juli 2019 beschikbaar).

De elementen worden gewogen en gescoord op een 10-puntsschaal. Op elk van de vier elementen moeten minimaal 6 volle punten gescoord worden om voor subsidie in aanmerking te komen. Dat betekent dat een beoordeling van gemiddeld 5,5 punten niet voldoet aan de minimumeis. In totaal kan een aanvraag maximaal 4 x 10 punten behalen.

Wie zitten er in de beoordelingscommissie?

De beoordelingscommissie doet haar werk onder verantwoordelijkheid van de Wetenschappelijk Technische Raad (WTR) van SURF.

Commissielid

Functie

Drs. Jacco Jasperse (voorzitter)

WTR-lid, CIO en Manager Dienst Informatievoorziening en Automatisering, HZ

Dr. Marijke Kral

Lector Leren met ict, Hogeschool Arnhem-Nijmegen

Em. prof. dr. Peter Sloep

Emeritus Hoogleraar Technology Enhanced Learning, Open Universiteit

Prof. dr. Sally Wyatt

Bijzonder hoogleraar Digital Cultures, Technologie & Society Studies, Universiteit Maastricht

Senior onderzoeker, Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis

Directeur, Landelijke onderzoeksschool wetenschap, technologie en moderne cultuur

Dr. Leo Plugge (secretaris)

Secretaris WTR, SURF

Rol SURF

SURF begeleidt de projecten in opdracht van het ministerie van OCW en faciliteert kennisuitwisseling tussen de deelnemende projecten. SURF ondersteunt ook het vastleggen en ordenen van de opgedane kennis uit de experimenten en stelt deze beschikbaar voor het Nederlandse onderwijs. De projectleiders leveren een bijdrage van maximaal vier werkdagen aan door SURF georganiseerde activiteiten, zoals gezamenlijke projectleidersdagen of SURFacademy-bijeenkomsten.

Subsidiebetaling en verantwoording

Het subsidiebedrag wordt in één keer uitgekeerd. Projecten leveren eenmalig een beknopte tussenrapportage in bij SURF, ter voorbereiding op een voortgangsgesprek met SURF. De instellingen die subsidie ontvangen, nemen de financiële verantwoording van de subsidie op in hun jaarverslag en leveren een prestatieverklaring en een eindrapportage in.