Met ZKI Top Trends Report naar een benchmark van ict-trends in onderwijs en onderzoek
Vendor lock-ins, groeiende cyberdreiging, budgetten die onder druk staan: Europese onderwijs- en onderzoeksinstellingen staan voor dezelfde uitdagingen. In het jaarlijkse ZKI Top Trends Report, een internationale survey naar ict-trends en ontwikkelingen in onze sector, wordt dit zichtbaar. Dit onderzoek kan uitgroeien tot waardevolle benchmark. In 2026 deed Nederland voor het eerst mee.
Malte Dreyer
Malte Dreyer, director bij het European University Institute en tot voor kort director Computer en Media Service bij Humboldt University Berlin, is initiatiefnemer van de ZKI Top Trends survey. Hij lanceerde het onderzoek in Duitsland in 2018 en breidde dit uit naar Oostenrijk en Zwitserland. Ook Frankrijk doet inmiddels volwaardig mee met de survey.
Deelnemers nodig uit Nederland
Voor betrouwbare uitspraken over de sector in Nederland, is een hogere deelname nodig. Vanuit Nederland ontving Malte 8 inzendingen in 2026. Hij zegt hierover:
“Ik hoop dat ik voor het komende onderzoek een onboarding kan doen met Nederland. Dan leg ik uit wat het onderzoek is en bouw ik aan de contacten met de instellingen.”
Charo Narvaez
Ook Charo Narvaez, CIO van Radboud Universiteit Nijmegen, zegt: “Meer aandacht voor dit onderzoek om de respons omhoog te trekken, is fijn. Met een goede benchmark kun je het gesprek over ict aangaan op basis van feiten. Nu liggen er vaak nog aannames onder de discussies. Een benchmark helpt om gefundeerde keuzes te maken en te sturen. Hoe mooi zou het zijn als we die vanuit onze eigen gelederen kunnen opbouwen!”
Coöperatie voor digitale soevereiniteit
Bert Kremer
De survey draaide het afgelopen jaar om digitale soevereiniteit. In de huidige geopolitieke situatie is dat onderwerp niet te missen. “Waar we als onderwijssector 10 jaar geleden bijna nooit werden aangevallen door hackers, is dat nu schering en inslag,” zegt Bert Kremer, hoofd ict van ArtEZ University of the Arts. De kunstacademie is een van de deelnemers aan het onderzoek.
Coöperatie om digitale soevereiniteit te vergroten: volgens de resultaten uit het onderzoek is dit in alle landen een grote trend. Het verschilt hoe wordt samengewerkt en welke onderwerpen worden aangepakt.
Investeren in infrastructuur
Malte: “Alle landen zijn op hun manier met digitale soevereiniteit bezig en bereiken allemaal vooruitgang. Dat is interessant om te zien. In Nederland ligt er een focus op standaardiseren, Frankrijk kiest massaal voor open source en investeert in lokale infrastructuur, in Duitsland ontwikkelen instellingen eigen diensten die ze onderling uitwisselen binnen hun eigen deelstaat.”
Een uitkomst die opvalt, is dat Franse en Duitse instellingen veel in lokale infrastructuur investeren, terwijl Nederlandse instellingen dat volgens het rapport nauwelijks lijken te doen. “Anders dan in Frankrijk en Duitsland, waar funding per deelstaat of departement wordt verdeeld, is er in Nederland een centraal beleid,” legt Bert uit. “Wij hebben een landelijk dekkend glasvezelnetwerk en we hebben de coöperatie SURF. In Frankrijk lopen de kabels tot aan het eind van het departement. Je moet iets regelen als je onderling wil samenwerken. Ook in Duitsland zie je dat daar wel per deelstaat veel wordt samengewerkt, maar dat het al moeilijker wordt over de deelstaatgrens heen. In Zwitserland is geld meestal geen probleem. Daar is zelfs de ict-helpdesk op zaterdag en zondag open.”
“Infrastructuur wordt steeds belangrijker. Het is het fundament van onze ict-dienstverlening aan onderzoekers, docenten en studenten, en essentieel om voorop te kunnen blijven lopen,” vult Charo aan. “We hebben steeds meer rekencapaciteit en opslag nodig. Daarvoor heb je datacentra nodig. En voor datacentra heb je stroom nodig. Om in onze sector competitief te zijn en blijven, moeten we samen met onder meer andere universiteiten investeren in onze infrastructuur. SURF is hier echt actief mee bezig.”
Afhankelijkheid van leveranciers
Open source en keuzevrijheid zijn andere belangrijke voorwaarden voor digitale soevereiniteit. “De afhankelijkheid van Amerikaanse big tech is een aandachtspunt, maar ook de afhankelijkheid van slechts enkele leveranciers voor een bepaalde oplossing”, zegt Malte. “Je ziet overal vendor lock-ins, zo zijn er afhankelijkheden van aanbieders voor bijvoorbeeld campusmanagementsystemen en Enterprise Resource Planning. Dat was verrassend.”
Bert herkent deze risico’s. “Binnen ArtEZ hebben we een analyse uitgevoerd naar onze leveranciers en al een aantal softwareproducten vervangen door Europese en Nederlandse alternatieven. Als je weet dat in 2027 of 2028 een contract afloopt, kun je nu al onderzoek doen naar wat je na die datum wil. We zijn een kunstacademie, dus er wordt veel Adobe Photoshop en Adobe InDesign gebruikt. Adobe heeft de licencing veranderd. Geen licenties meer per computer of leslokaal, maar een persoonlijke. Dat is onbetaalbaar met de budgetten die we hebben. Hetzelfde geldt voor VMware. Dat was een andere belangrijke softwareleveranciers van ons. Het is overgenomen en vervolgens zijn de prijzen ongekend verhoogd.”
Inhouse oplossingen
Bij ArtEZ worden geen ict-toepassingen ontwikkeld, wel configureert de instelling bestaand aanbod naar interne behoeften. Zo doen zij mee met de Nextcloud-pilot van SURF. In Duitsland zijn instellingen opvallend veel bezig met het zelf ontwikkelen van oplossingen. “Elke universiteit is ergens goed in en ontwikkelt een service. Die wordt aangeboden aan andere instellingen binnen de eigen deelstaat,” legt Malte uit. Daaruit ontstaat een aanbodportfolio met veel verschillende aanbieders.
Overzicht van toepassingen in Nederland
Zijn we in Nederland wel voldoende bezig met het zelf ontwikkelen van alternatieven? Volgens de uitkomsten van het onderzoek niet. Maar volgens Charo is dat een vertekend beeld.
Met 8 inzendingen zijn de uitkomsten natuurlijk niet representatief voor Nederland. Ook laat de CIO van Radboud Universiteit het verschil zien tussen hbo’s en universiteiten. “De focus is anders. Een splitsing tussen deze sectoren in de benchmark helpt om nog beter elkaars belangen te begrijpen.”
“Er zijn de afgelopen jaren veel toepassingen ontwikkeld binnen onze sector die bruikbaar zijn in het kader van digitale soevereiniteit. We bevinden ons in de fase van duizend bloemen laten bloeien en krijgen hierop steeds meer overzicht.” Zij noemt mooie voorbeelden, zoals de opensource app voor digitale identiteit Yivi, AI Chat van de Universiteit van Amsterdam, het encryptiemechanisme PEP dat bij Radboud Universiteit is ontwikkeld, Nextcloud dat in Duitsland is gemaakt en waar SURF een pilot mee is gestart.
Gunstig voor onderwijs en onderzoek
“Wat me ook opviel in de resultaten, is dat over de hele populatie maar bij 25 procent het budget is gedaald, terwijl voor Nederland de helft aangeeft een gereduceerd budget te hebben. Dat herken ik heel sterk,” zegt Charo. “Ook wij staan budgettair onder druk. De balans tussen de verantwoordelijkheden op cybersecurity, soevereiniteit en prijsstijgingen, gecombineerd met allerlei andere ict-uitdagingen, zoals technologie als hefboom voor vernieuwing en ambities met AI, vragen scherpe keuzes die ergens ook gaan wringen.”
Charo geeft aan: “Ik krijg vaak vragen van ons college van bestuur of directeuren over hoe andere universiteiten het doen. Dan bel ik rond in ons netwerk, maar dat geeft maar een beperkt beeld.” Ze vervolgt: “Een onderzoek als dit helpt om een realistischer beeld te krijgen en te objectiveren. Daarmee kun beter onderbouwd strategische adviezen geven en keuzes maken. Voor significante resultaten hebben we wel voldoende onderwijs- en onderzoeksinstellingen nodig die meedoen.”
Dit wordt aangevuld door Bert: “Ik vind het belangrijk om mee te werken aan dit soort initiatieven. Of je nu een kleine hbo bent of grote technische universiteit, we krijgen allemaal geld vanuit het ministerie. Bedrijfsvoering en onderwijslogistiek is overal vrijwel hetzelfde. Als we daarin goed samenwerken, is dat gunstig voor onderwijs en onderzoek.”
Met ZKI Top Trends Report naar een benchmark van ict-trends in onderwijs en onderzoek is een artikel van SURF Magazine.
Terug naar SURF Magazine
Vragen naar aanleiding van dit artikel? Mail naar magazine@surf.nl.